Kijken naar Thuis en Karrewiet

Kijken naar Thuis en Karrewiet

Nour is leerkracht Engels. In Irak… Het land is al twaalf jaar in oorlog als de situatie in 2015 voor Nour onhoudbaar wordt. Haar man kwam om tijdens een van de vele vijandelijkheden. Ze vreest het ergste voor zichzelf en vlucht naar België.


Vanbij haar aankomst zet Nour zich keihard in om Nederlands te leren. Ze begrijpt veel, maar spreken vlot niet. Ze is perfectionistisch en bang om fouten te maken. Desondanks wil ze zo snel mogelijk aan het werk, haar steentje bijdragen, deel uitmaken van de samenleving.

Het leven als vluchteling in België is niet gemakkelijk. Het is aanvankelijk een heel eenzaam traject. In het opvangcentrum heeft iedereen zijn eigen problemen. Er is de lange onzekerheid tot aan de erkenning van de vluchtelingenstatus. Nour is trots, en wil zich sterk tonen. Ze doen al zo veel voor haar. Na drie maanden in het opvangcentrum moet je er uit, zelf een woonst vinden. Opnieuw is ze alleen, in een kamer, in een stad waar ze niemand kent, verloren in het kluwen van energiecontracten, OCMW documenten, mutualiteit, inburgeringscontract, noem maar op.  

Gelukkig heeft ze wat houvast aan Suzanne. Nour heeft hulp nodig, voorbij job of taaladvies. Veel meer dan een wegwijzer in het sociale landschap. Er wordt gebeld, gemaild, overlegd, opnieuw gebeld, om een therapeute te vinden voor haar psychologische problemen, eentje zonder ellenlange wachtlijst. Die vinden ze uiteindelijk ook. Suzanne kan het comité overtuigen om uitzonderlijk de kosten te dragen. Nour is Suzanne oneindig dankbaar. 

Suzanne helpt Nour aan vrijwilligerswerk, bij het verder solliciteren, stap voor stap richting een echte job. Op aanraden van Suzanne kijkt Nour op haar laptop naar Thuis en Karrewiet. Haar Nederlands gaat er met rasse schreden op vooruit. Via het Agentschap Integratie en Inburgering wordt Nours diploma secundair onderwijs gelijkgeschakeld, maar jammer genoeg niet haar universitaire opleiding Engelse Literatuur. Echt lesgeven op haar niveau zit er dus niet in. Gelukkig kan ze wel deeltijds aan de slag –een eerste volwaardig arbeidscontract!- bij de stedelijke dienst voor kinderopvang. Ze doet die job bijzonder goed, en hoopt ooit bij het CVO bij te kunnen studeren voor een certificaat van begeleidster in de kinderopvang. 

Op deze manier blijft Nour voorlopig een deeltijds leefloon nodig hebben; meteen voltijds werken zou in haar geval poetsen betekenen of sociale tewerkstelling, terwijl ze zoveel meer in haar mars heeft. De kortste weg tussen A en B is niet altijd een rechte lijn.

Kijken naar Thuis en Karrewiet

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x